Trouwen, samenwonen of scheiden
Het pensioenfonds ziet als partner:
- de persoon met wie de werknemer getrouwd is
- de persoon met wie de werknemer een geregistreerd partnerschap heeft
- de persoon met wie de werknemer samenwoont en met wie hij bij de notaris een samenlevingscontract heeft afgesloten. Voorwaarde is dat de partner als begunstigde is aangewezen voor partnerpensioen en dat de partner geen bloed- of aanverwant is in de rechte lijn
U als werkgever hoeft niets te doen als een werknemer een relatie begint of stopt. Deze beslissingen hebben wel veel invloed op het pensioen van een werknemer.
Uit elkaar gaan
Bij echtscheiding of einde geregistreerd partnerschap heeft de ex-partner recht op een deel van het pensioen dat door de werknemer is opgebouwd toen de partners samen waren. Dit geldt niet voor werknemers die een samenlevingscontract hadden. De ex-partner houdt recht op de helft van het pensioen dat de werknemer tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap heeft opbouwde. Dit heet verevening en is wettelijk geregeld.
De ex-partner kan samen met de werknemer ervoor kiezen zijn of haar deel van deze pensioenaanspraken samen met het bijzonder partnerpensioen om te zetten in een eigen pensioenrecht. Dit heet conversie. Na conversie heeft een werknemer voor zijn pensioen niets meer met zijn ex-partner te maken.
Een werknemer mag ook andere pensioenafspraken maken, bijvoorbeeld een andere verdeling van het ouderdomspensioen. De werknemer moet ons hiervan wel op de hoogte stellen.
